Spiegelbeeld 2

27 augustus 2017

Toevallig of niet kwam een dag na het schrijven van mijn vorige column de VPRO met het programma Zomergasten. In deze uitzending was de primatoloog Frans de Waal te gast. Via uitzending gemist heb ik in één ruk door het drie uur durende interview uitgekeken. Onafgebroken kijken op de bank met een bord warm eten op mijn schoot en eigenlijk niet weten wat je eet. Zo fascinerend.
Het ging over de politiek van de alfamannetjes en de alfamannetjes van de politiek. Over spiegeltesten en empathie. Over het feit dat taal eigenlijk het enige is – mijn interpretatie in elk geval – wat mens en dier onderscheidt. Het sloot feilloos aan bij mijn verhaaltje over de spiegelende spiegels en matroesjka poppetjes.
Het ging over empathie. Het vermogen om je in te leven in een ander. Empathie is net als bij zelfbewustzijn ook in de spiegel kijken. Alleen dan bij iemand anders. Empathie is invoelen. Jezelf een voorstelling – spiegelbeeld – maken van wat de ander moet ervaren bij een bepaalde gebeurtenis.
Maar empathie gaat verder dan alleen het inlevingsvermogen. Het is het principe achter de gulden leefregel. Deze regel is de basis van ons geweten, onze moraal. Deze gouden regel zegt dat je anderen moet behandelen zo je zelf behandeld wilt worden. Je kunt dit besef alleen maar krijgen als je ook het vermogen hebt om je in te voelen in je medemens.
In tal van oosterse religies en filosofische stromingen komt de gulden regel terug. De Bijbel bijvoorbeeld verhaalt over de bergrede die werd uitgesproken door Jezus. In deze ‘grondwet’ van het Christendom staat de gulden regel in vergelijkbare bewoording.
En juist omdat de gulden leefregel bij veel religies en filosofen voorkomt, lijkt het iets dat de mens zelf heeft bedacht of op zijn minst door een God gegeven. Denk maar aan de normen uit de tien geboden of de leefregels uit de bergrede. Het ‘wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet’ is daarmee een soort van universele grondwet die samenlevingen bij elkaar houdt.
Ik ben met het idee opgegroeid dat de mens boven de natuur staat. Weliswaar vanuit een verantwoord rentmeesterschap, maar we zijn meer dan een koe of een aap. Mensen mogen dieren eten, maar andersom mag dat niet. Het is met de paplepel ingegoten tijdens de verplichte kerkgang en catechisaties. De aarde en alles wat er groeit en rondkruipt staat ten dienste van de mens. We moeten er wel zuinig mee omgaan. Niet zozeer voor de aarde zelf maar meer voor de generatie mensen die na ons komen.
Dan is het toch niet raar dat je vergeet wat je eet als een wetenschapper op televisie een totaal andere werkelijkheid schetst. Dat normen en waarden eigenlijk gewoon voortkomen uit de natuur zelf en niet uniek zijn voor ons als mens alleen.
En het klinkt ook zo vanzelfsprekend. Zo wij de natuur begrijpen is alles er op gericht om de soort te laten overleven. Survival of the fittest. Daarbij gaat het niet om wie individueel de sterkste is, maar wie de groep in zijn geheel het sterkste maakt.
Het sterker maken van een groep mensapen gebeurt door het sluiten van coalities. Een groep binnen een groep waar de leiding – of macht – wordt georganiseerd. Frans de Waal laat dat treffend zien in een filmfragment met de observatie van een groep chimpansees. Niet voor niets ligt zijn boek Chimpanzee Politics op het nachtkastje van elke aankomende politicus in de VS.
De leefregels van onze samenleving inclusief de politiek vinden hun oorsprong in de natuur, zo leer ik van Frans de Waal. Een gemeenschap is gebaseerd op empathie – de gulden leefregel – en organiseert zich via bestraffen en belonen. Een straf wanneer je de regels overtreedt en een beloning als je de regels respecteert. Bij apen een pak ransel versus vlooien of sex. Bij de mens is het niet veel anders.
In de leefregels uit de bergrede staat een lezenswaardige passage over het Oudtestamentische ‘oog om oog, tand om tand’ versus het ‘de andere wang toekeren’. Om bij de apen aan te sluiten lijken de chimpansees meer van het eerste categorie en de bonobo’s van de tweede. Chimps lossen gedoe vaak met klappen op en de kleine hippy-aap meer met sex. Een mooie overeenkomst van religie en natuur.
Het is boeiend om via de gedragswetenschap van dieren in jezelf te kijken. We kijken dieper in het matroesjka poppetje. Maar het is niet alleen boeiend, het is ook ontluisterend.
Velen met mij zijn opgegroeid met het verhaal dat Mozes de stenen tafelen kreeg op de berg Sinaï. Tien regels met “gij zult dit en gij zult dat”. Tien regels om het mijn en dijn te respecteren en nog wat godsdienstige instructies. We zijn opgegroeid met de woorden van Jezus over het toekeren van de andere wang. Is het dan niet ontluisterend om – ik doe het hier voorzichtig – de conclusie te trekken dat deze woorden, deze verhalen niet meer en niet minder vertellen dan dierengedrag dat zich in miljoenen jaren heeft ontwikkeld?
Aan de andere kant vind ik het boeiend om te zien dat wij niet alleen heel veel lijfelijke overeenkomsten hebben met tal van dieren, maar ook geestelijke. Even los van de vraag of je lijf en geest apart kunt zien, maar daar kom ik nog wel eens op terug. Ik vind het belangrijk om ongeacht mijn opvoeding of mijn leefwijze met een onbevangen open blik naar dit soort verhalen te luisteren. In dit geval het boeiende en gelijktijdig ontluisterende verhaal van de gulden regel. Een mooi doorkijkje in ons zoveelste spiegelbeeld.

Terug naar overzicht