Spiegelbeeld 3

3 september 2017

“Je hebt nu eenmaal gereformeerde wortels”, zo kreeg ik deze week te horen. De aanleiding weet ik niet meer. Het zal wel een reactie op een of andere uitdrukking zijn geweest met een bijbels tintje.
Ja, mijn ouders waren gereformeerd en dus ben ik het als baby door een paar druppels water van de dominee ook geworden. Ergens in mijn puberteit ben ik afgedwaald. Afdwalen als een verloren schaapje van de kudde. Ergens in de puberteit, in de periode wanneer je jezelf voor de eerste keer afvraagt wie je bent en wat je hier doet. Ik althans. Dat afdwalen ging gepaard met diepgaande discussies tijdens de catechisaties en iets minder diepgaand thuis. Ik wilde niet langer naar de kerk. De keuze was het huis uit of accepteren. De uitkomst was dat ik niet meer naar de kerk hoefde, maar wel gelijktijdig met de rest uit bed moest en koffie zetten als de rest van het gezin terug van de kerkgang kwam. Bij uitzondering – vroeger met bruiloften en tegenwoordig met begrafenissen – kom ik er nog wel eens. Of bij een uitje. Enige tijd geleden was in ik de nep Sint Pieter in Oudenbosch.
Nu ben ik niet de enige die met een gereformeerde achtergrond een ander padje is opgegaan. Er zijn cabaretiers, schrijvers en andere kunstenmakers die mij voorgingen. En ook politici. Volgens mij is de PvdA groot geworden door afgedwaalde gereformeerde jongelingen. Ook zij zijn niet in het spoor gebleven dat vader, moeder en geloofsgemeenschap richting toekomst hadden uitgestippeld. Ook zij worstelden met hun gevoel dat inging tegen de verhalen uit hun opvoeding en ook zij voerden vele discussies.
Een van de discussies die ik voerde met de dominee ging over de dood en het hiernamaals. De kern van het christelijk geloof is dat er iets na dit leven komt. Want wat is er daarbuiten nog om in te geloven, nietwaar? Maar goed, deze discussies eindigden bij mij steevast in de vraag. “Als u mij kunt vertellen waar ik voor mijn geboorte was, dan vertel ik u waar ik na mijn dood zal zijn”. De dominee kon mij dat – ondanks de vele woorden die hij te berde bracht – niet vertellen.
We gaan er als westerse mens, gelovig of niet, vanuit dat we een ziel of geest hebben. Lichaam en geest zijn iets verschillends. Je geest zit in je hoofd, of in je hart, misschien wel je buik, maar ergens in je lijf zit je geest. Je geest is net zo iets als je falie. Of je poke, je ziele, je mieter of je donder. Als je daar een pak op krijgt, bijvoorbeeld een pak op je mieter, dan weet je dat je klappen krijgt maar waar is onbekend. Zo zit je geest ook ergens op een niet aan te wijzen plekje in je lijf.
Als gereformeerde jongen kreeg ik te horen dat ‘dieren geen zieltje te verliezen hebben’. In dit geval na het doodmaken van een kip. Wij aten de kippen die we hielden. Ik was toen de leeftijd voorbij van sinterklaas en de dierenhemel (er was kennelijk geen dierenhel). Dat was de overgang van de kinderbijbel naar de echte bijbel. Zeg maar de geloofspuberteit. En na deze puberteit kwam er een nieuwe werkelijkheid. Dieren gingen gewoon dood en niet langer naar de dierenhemel. Zij hebben geen ziel. De mens ging ook dood maar zijn ziel gaat of naar de hemel of naar de hel.
Maar de uniekheid van de mens als enig warmbloedig wezen met een ziel of geest wordt aan het wankelen gebracht door voortschrijdende inzichten. Hersenonderzoek legt steeds meer bloot over het functioneren van ons brein in relatie tot de structuur van onze hersenen. De geest wordt meer en meer een onderdeel van ons lijf. Net zoals darmen voedsel verteren en benen ons laten lopen laten onze hersenen ons denken. Als je dat doorredeneert gaan lijf en geest allebei tegelijk dood. Over en uit.
De gedragstudie aan chimpansees waar ik in mijn vorige column over schreef, laat zien dat deze dieren een zelfbewustzijn hebben en doelgericht kunnen denken. Vele menselijke trekjes die uit de geest voortkomen, zijn ook te zien in sociale interactie van een groep apen. Ze kunnen bluffen, dreigen, bedriegen en slijmen. Typische gedragingen die ook passen bij de menselijke geest. Dus… Dieren hebben wel een zieltje te verliezen. Als dat dan zo is, dan moet er toch ook een soort van apenhiernamaals zijn?
Wat is waarheid? Ook weer zo’n uitdrukking trouwens. Wat is hier de waarheid. Tja, het is maar net met welke bril je in de spiegel wilt kijken. Zie je de mens als een verzameling moleculen en hun onderlinge interacties of beschouw je het vanuit een meer filosofische hoek. Of kijk je ernaar als de gereformeerde jongeling. Je gereformeerde achtergrond, je natuurwetenschappelijke opleiding of welke stellige overtuiging je dan ook mag hebben, vormen de bril waardoor je in deze spiegel kijkt. Deze bril bepaalt wat je ziet, of liever: wat je wilt zien. Deze bril bepaalt jouw waarheid als spiegelbeeld van de werkelijkheid.
Er is maar één werkelijkheid en dat is wat er is. Daarnaast zijn er net zoveel waarheden – spiegelbeelden – als er mensen zijn. En niet alleen zoveel als er mensen zijn. Apen, olifanten, dolfijnen, of weet ik veel welk organisme, kunnen ook denken. Dus waarom zou een chimpansee geen waarheid kennen? In elk geval kennen zij zichzelf bij het kijken in de spiegel. En ze kennen de gevolgen van hun gedrag. Dit vormt hun spiegelbeeld, hun waarheid.
De opmerking “je hebt nu eenmaal een gereformeerde achtergrond” werd op zo een manier uitgesproken dat ik de rest wel kon verzinnen. “…en daar kom je nooit meer vanaf”. En dan met zo’n hele lange verzuchtende ‘noooooit’. Zoiets van: je kan doen en laten wat je wilt maar je blijft wie je bent.
Volledig mee eens. Ik kan die niet-uitgesproken-woorden alleen maar beamen.
Ego sum. Het is ik.
De veranderende werkelijkheid en mijn spiegelbeeld.

Terug naar overzicht